Onvergetelijk spreken met storytelling
- Prijs * € 580,-
- Verblijfkosten * € 67,- (Dit is de totaalprijs van het dagarrangement voor de gehele training bestaande uit koffie/thee/water/fris, uitgebreide lunch en plenaire zaalhuur.)
- Plaats Den Dolder
- Aantal dagen 1
- Tijden
Van 09.30 uur tot 16.30 uur
- Max.deelnemers 8
* Genoemde trainingsprijzen zijn, tenzij uitdrukkelijk anders vermeld, vrij van BTW. Alle genoemde verblijfkosten zijn, tenzij uitdrukkelijk anders vermeld, inclusief BTW.
Inschrijven Meer gegevensTrainers
Wat is de impact van verhalend vertellen en verbeeldingskracht? Een mooi voorbeeld is het oude verhaal van Domme Hans. Een samenvatting ervan vind je onder de knop ‘Uitgebreide versie’.
Denk je ook wel eens na hoe je droge of complexe stof begrijpelijk kan overbrengen? Of zit je te peinzen over hoe je het voor elkaar krijgt dat iemand jouw verhaal ook na lange tijd nog kan onthouden? Of misschien heb je iemand ooit een geweldig verhaal horen vertellen in een presentatie en zou jij dat ook willen kunnen?
Storytelling gaat over je boodschap of presentatie verhalend vertellen. Dus niet door een opsomming van feiten, maar aan de hand van een persoonlijk verhaal of metafoor begrijpt de luisteraar wat je bedoelt, wordt enthousiast of zelfs geïnspireerd. Bovendien kun je met Storytelling ervoor zorgen dat de luisteraars de hoofdpunten in je verhaal, bijvoorbeeld in een presentatie beter onthoudt, ook op de lange termijn.
Doelgroep
Je spreekt voor kleine of grote groepen mensen en je wilt dat de luisteraars niet alleen je boodschap begrijpen, maar ook onthouden. Je wilt je mondeling duidelijker en levendiger kunnen uitdrukken en je wilt Storytelling als didactisch middel in zetten in lessen, trainingen of op de werkvloer.
Resultaat
Je kunt van een feitelijke presentatie of boodschap een levendige en begrijpelijke maken en je zorgt er op deze manier voor dat luisteraars enthousiast zijn en je verhaal onthouden. Je denkt meer in beelden en kunt deze gebruiken in je mondelinge communicatie en presentaties. Je kunt een verhaallijn als rode draad gebruiken in een presentatie.
Inhoud
- Wat maakt dat we een boodschap onthouden?
- Waaraan voldoet een goed verhaal?
- Hoe gebruik ik associatie en improvisatie?
- Hoe zet ik anekdotes, metaforen etc. in voor mijn verhaal?
Aanpak
- Vooraf vragenlijst invullen
- Als voorbereiding bedenk je globaal een minipresentatie. In de training ga je deze af maken met Storytelling en presenteer je je verhaal.
- Oefenen met het bedenken van anekdotes, metaforen, uitdrukkingen en persoonlijke of organisatieverhalen
- Oefenen met associëren en improviseren
- Feedback van trainer en mede-deelnemers op minipresenatie.
Kennis
Je beheerst de basisvaardigheden van presenteren.
Uitgebreid
Domme Hans[i]
Op het platteland woonde een landheer met zijn zoons. Twee daarvan waren zeer geleerd en zo knap dat het bijna met geen pen te beschrijven was. Als er iemand met de dochter van de koning zou mogen trouwen dan waren zij dat wel. De dochter van de koning zocht namelijk een man. Maar niet zomaar een man, je kon alleen in aanmerking komen als je mondeling sterk was, dus goed je zegje kon doen.
De ene zoon kende het hele Latijnse woordenboek uit zijn hoofd, plus de inhoud van de stadskranten van de laatste drie jaar. De andere zoon kende al de wetsartikelen van binnen en van buiten en was ook nog handig met de borduurnaald en kon op de meest verfijnde stoffen borduren.
De zoons waren vastbesloten om de hand van de koningsdochter te vragen en zij studeerde dat het een lust was, want ze wilden goed voorbereid zijn om een gesprek aan te gaan met hun mogelijke aanstaande bruid.
Op de dag van het aanzoek kregen zij van hun vader een mooi paard en ze gingen op weg. Net voordat zij vertrokken, kwam de derde zoon aangesneld. Deze zoon was onopvallend en wat simpel ingesteld. De mensen noemde hem gewoon ‘Domme Hans’. "Waar gaan jullie heen?", vroeg hij zijn broers. "Wij gaan de hand van de koningsdochter vragen", antwoordden zijn broers. Waarop Domme Hans zei: "Aha, riep hij, dat wil ik ook, ik ga mee!" Maar de broers en de vader namen hem niet serieus en waren zeker niet van plan hem een paard te geven. Pragmatisch als de derde broer was, pakte hij zijn bok,sprong op de rug van het dier en zo reed hij achter zijn broers aan. Onderweg gaf hij zijn ogen de kost en zag van alles. Hij vond een dode kraai en een kapotte klomp met een stukje ijzerdraad eraan. “Wat moet je met die troep?", riepen de broers. “Het is voor de koningsdochter!”, riep Hans terug. De broers schudden hun hoofd en reden door. “Oooh, wat vind ik hier weer”, zei Hans en hij stopte wat veelkleurige modder, die op de drassige weg lag, in zijn broekzak.
Aangekomen voor de deur van het paleis zagen zij tot hun schrik de drommen aanbidders al staan. Zoveel concurrentie hadden zij niet verwacht, de spanning steeg.
Na een lange tijd wachten mocht de eerste broer naar binnen. Door het lange wachten en de nervositeit was hij al zijn Latijn vergeten. Het was ook nog eens ontzettend warm in de zaal waar de prinses stond en hij zag dat de kachel roodgloeiend brandde. “Wat is het hier heet zeg”, zei de broer. De prinses antwoordde dat dat kwam omdat haar vader haantjes aan het braden was. "Bah", was het enige dat de broer uit kon brengen, hij stond verder met zijn mond vol tanden. Zo’n gesprek bij binnenkomst had hij niet verwacht. “Afgekeurd!”, riep een jury die aan de zijkant in de zaal stond.
Vervolgens kwam de tweede broer binnen. “Wat is het warm hier”, zei hij. “Dat komt omdat we haantjes aan het braden zijn”, antwoordde de prinses. “Wablief?” zei de tweede broer verbaasd. Hij had zich op veel voorbereid, maar over haantjes had hij niets gelezen en hij wist niets meer te zeggen. “Afgekeurd!” riep de jury nogmaals.
Toen verscheen Domme Hans.” Oef, snikheet hier” zei hij. “Dat komt omdat wij haantjes braden”, zei de prinses. "Ah", zei Hans, "dan kan mijn eetbare geschenk er ook wel bij. Ik heb net een vogel geschoten die zo zeldzaam is, dat hij slechts eens in de 100 jaar door een uitverkorene mag worden gegeten. Deze lekkernij is alleen voor jou bestemd en zo heb je een volledig en uniek avondmaal."
"Tja, dat kan wel, maar we hebben geen pannen en potten meer”, zei de prinses. "Geeft niet", zei Hans, "ik heb kookgerei bij mij met een tinnen handvat waar de heerlijke vogel precies inpast." En hij haalde de klomp te voorschijn en legde de kraai erin. “Maar het sausje dan?” riep de prinses. “Daar heb ik ook aangedacht”, zei Hans. "Ik heb hier een verfijnde pepersaus met verse tuinkruiden." Hij goot de modder over de kraai alsof hij een chefkok uit een sterrenrestaurant was. De prinses riep dat hij de juiste was. Hij gaf tenminste duidelijk antwoord, kon zijn zegje doen en was daarbij ook nog creatief ook. Dit maal zou zij niet meer vergeten. De jury werd naar huis gestuurd en de prinses en Hans trouwende de volgende dag nog.
[i] Het verhaal is een vrije samenvatting van het gelijknamige verhaal van H.C. Andersen
Op het platteland woonde een landheer met zijn zoons. Twee daarvan waren zeer geleerd en zo knap dat het bijna met geen pen te beschrijven was. Als er iemand met de dochter van de koning zou mogen trouwen dan waren zij dat wel. De dochter van de koning zocht namelijk een man. Maar niet zomaar een man, je kon alleen in aanmerking komen als je mondeling sterk was, dus goed je zegje kon doen.
De ene zoon kende het hele Latijnse woordenboek uit zijn hoofd, plus de inhoud van de stadskranten van de laatste drie jaar. De andere zoon kende al de wetsartikelen van binnen en van buiten en was ook nog handig met de borduurnaald en kon op de meest verfijnde stoffen borduren.
De zoons waren vastbesloten om de hand van de koningsdochter te vragen en zij studeerde dat het een lust was, want ze wilden goed voorbereid zijn om een gesprek aan te gaan met hun mogelijke aanstaande bruid.
Op de dag van het aanzoek kregen zij van hun vader een mooi paard en ze gingen op weg. Net voordat zij vertrokken, kwam de derde zoon aangesneld. Deze zoon was onopvallend en wat simpel ingesteld. De mensen noemde hem gewoon ‘Domme Hans’. "Waar gaan jullie heen?", vroeg hij zijn broers. "Wij gaan de hand van de koningsdochter vragen", antwoordden zijn broers. Waarop Domme Hans zei: "Aha, riep hij, dat wil ik ook, ik ga mee!" Maar de broers en de vader namen hem niet serieus en waren zeker niet van plan hem een paard te geven. Pragmatisch als de derde broer was, pakte hij zijn bok,sprong op de rug van het dier en zo reed hij achter zijn broers aan. Onderweg gaf hij zijn ogen de kost en zag van alles. Hij vond een dode kraai en een kapotte klomp met een stukje ijzerdraad eraan. “Wat moet je met die troep?", riepen de broers. “Het is voor de koningsdochter!”, riep Hans terug. De broers schudden hun hoofd en reden door. “Oooh, wat vind ik hier weer”, zei Hans en hij stopte wat veelkleurige modder, die op de drassige weg lag, in zijn broekzak.
Aangekomen voor de deur van het paleis zagen zij tot hun schrik de drommen aanbidders al staan. Zoveel concurrentie hadden zij niet verwacht, de spanning steeg.
Na een lange tijd wachten mocht de eerste broer naar binnen. Door het lange wachten en de nervositeit was hij al zijn Latijn vergeten. Het was ook nog eens ontzettend warm in de zaal waar de prinses stond en hij zag dat de kachel roodgloeiend brandde. “Wat is het hier heet zeg”, zei de broer. De prinses antwoordde dat dat kwam omdat haar vader haantjes aan het braden was. "Bah", was het enige dat de broer uit kon brengen, hij stond verder met zijn mond vol tanden. Zo’n gesprek bij binnenkomst had hij niet verwacht. “Afgekeurd!”, riep een jury die aan de zijkant in de zaal stond.
Vervolgens kwam de tweede broer binnen. “Wat is het warm hier”, zei hij. “Dat komt omdat we haantjes aan het braden zijn”, antwoordde de prinses. “Wablief?” zei de tweede broer verbaasd. Hij had zich op veel voorbereid, maar over haantjes had hij niets gelezen en hij wist niets meer te zeggen. “Afgekeurd!” riep de jury nogmaals.
Toen verscheen Domme Hans.” Oef, snikheet hier” zei hij. “Dat komt omdat wij haantjes braden”, zei de prinses. "Ah", zei Hans, "dan kan mijn eetbare geschenk er ook wel bij. Ik heb net een vogel geschoten die zo zeldzaam is, dat hij slechts eens in de 100 jaar door een uitverkorene mag worden gegeten. Deze lekkernij is alleen voor jou bestemd en zo heb je een volledig en uniek avondmaal."
"Tja, dat kan wel, maar we hebben geen pannen en potten meer”, zei de prinses. "Geeft niet", zei Hans, "ik heb kookgerei bij mij met een tinnen handvat waar de heerlijke vogel precies inpast." En hij haalde de klomp te voorschijn en legde de kraai erin. “Maar het sausje dan?” riep de prinses. “Daar heb ik ook aangedacht”, zei Hans. "Ik heb hier een verfijnde pepersaus met verse tuinkruiden." Hij goot de modder over de kraai alsof hij een chefkok uit een sterrenrestaurant was. De prinses riep dat hij de juiste was. Hij gaf tenminste duidelijk antwoord, kon zijn zegje doen en was daarbij ook nog creatief ook. Dit maal zou zij niet meer vergeten. De jury werd naar huis gestuurd en de prinses en Hans trouwende de volgende dag nog.
[i] Het verhaal is een vrije samenvatting van het gelijknamige verhaal van H.C. Andersen




